Stikstof blog
Friese Aanpak Stikstofreductie & Natuurherstel (FASN) vastgesteld
Friese Aanpak Stikstofreductie & Natuurherstel (FASN)
Het belangrijkste doel van de Friese Aanpak Stikstofreductie & Natuurherstel is om de verlening van natuurvergunningen weer breed en structureel op gang te brengen zodat er in Fryslân weer ruimte komt voor woningbouw, infrastructuur, landbouw en energieprojecten. Daarbij is natuurherstel een cruciale voorwaarde. De Friese aanpak ligt op 28 oktober voor ter besluitvorming aan Provinciale Staten. De aanpak is tot stand gekomen door overleggen met de landbouwsector, natuurorganisaties, gebiedsinitiatieven, mede-overheden en vertegenwoordigers vanuit onder meer de sectoren bouw, transport en energie.
Inhoud aanpak
Belangrijke uitgangspunten in de Friese aanpak zijn doelsturing, gebiedsgericht maatwerk en vrijwilligheid. Ondernemers kunnen zelf bepalen met welke maatregelen zij de vermindering van stikstofuitstoot realiseren. Deze vrijwillige aanpak geldt tot 2035, waarbij er in 2030 een evaluatiemoment is om te beoordelen of de ingezette aanpak genoeg effect heeft. Om te volgen of de doelen worden gehaald, werkt de provincie onder andere aan de Fryske Monitor Tûk Buorkjen. Dit instrument wordt samen met een groot aantal Friese boeren ontwikkeld. De Friese aanpak werkt langs vier sporen:
1. Natuurherstel binnen Natura 2000-gebieden
Binnen alle twaalf Friese stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden worden extra maatregelen genomen om de natuur te herstellen en het natuurbeheer te verbeteren. Welke maatregelen nodig zijn, verschilt per gebied. De provincie kijkt daarbij niet alleen naar stikstof, maar ook naar andere oorzaken die de natuur onder druk zetten. Denk aan verdroging, versnippering, onvoldoende beheer, gewasbeschermingsmiddelen en invasieve planten- en diersoorten.
2. Natuurherstel buiten Natura 2000-gebieden
Sommige problemen binnen een natuurgebied kunnen alleen worden opgelost met maatregelen daarbuiten. Zo kan het nodig zijn om water langer vast te houden, verdroging tegen te gaan of verbindingen tussen natuurgebieden te verbeteren. Waar dat nodig is, werkt de provincie daarom ook samen met ondernemers, grondeigenaren en andere betrokkenen in de omgeving van Natura 2000-gebieden.
3. Provinciebrede vermindering van de stikstofuitstoot
In heel Fryslân zijn maatregelen nodig om de stikstofuitstoot te verminderen. Voor de landbouw is het doel om de ammoniakuitstoot in 2035 met 30% te verminderen ten opzichte van 2019. De provincie stuurt bij de landbouw op de uitstoot van bedrijven. Ondernemers kunnen hun eigen uitstoot namelijk direct beïnvloeden, maar niet bepalen waar de stikstof uiteindelijk neerkomt. Dat laatste noemen we depositie.
Boeren krijgen zoveel mogelijk ruimte om zelf te bepalen met welke maatregelen zij hun uitstoot verminderen. Dat kan bijvoorbeeld door het veevoer aan te passen, koeien vaker te laten weiden, mest beter te benutten of andere maatregelen te nemen die bij het bedrijf passen. Ook andere sectoren, zoals industrie en mobiliteit, moeten bijdragen aan het verminderen van de stikstofuitstoot. Voor deze sectoren geldt een landelijke doelstelling van 50% vermindering van de uitstoot van stikstofoxiden (NOx).
4. Extra aanpak in Zuidoost-Fryslân
Voor drie Natura 2000-gebieden in Zuidoost-Fryslân is de provinciebrede vermindering van de stikstofuitstoot niet voldoende. Het gaat om:
- Bakkeveense Duinen;
- Drents-Friese Wold en Leggelderveld;
- Fochteloërveen.
Voor deze gebieden komt een aanvullende gebiedsgerichte aanpak. De provincie werkt deze aanpak samen met ondernemers, inwoners, terreinbeheerders, mede-overheden en andere betrokkenen uit. Welke maatregelen worden genomen en wat deze voor afzonderlijke bedrijven betekenen, staat nog niet vast. Dat wordt verder uitgewerkt in de gebiedsprocessen. Waar mogelijk sluit de provincie aan bij gebiedsprocessen die al lopen. (bron: https://www.fryslan.frl/friese-aanpak-stikstofreductie-en-natuurherstel)
Gezien de verder uitwerking van de provinciale plannen hebben Gedeputeerde staten besloten de opschorting van de stikstofvergunningverlening te verlengen tot en met 31 december 2027. Waar mogelijk wil de provincie mogelijkheden verkennen om de vergunningverlening eerder te hervatten. De opschorting van de vergunningverlening geldt voor aanvragen waar een emissiearm stalsysteem of het additionaliteitsvereiste een beperking vormt.