Kader Richtlijn Water 2027 komt snel dichterbij: is uw vergunning al KRW-proof?
Milieu
In de praktijk merken wij dat aanvragen voor lozingen en activiteiten met invloed op oppervlaktewater kritischer worden beoordeeld dan enkele jaren geleden. Dit kan gaan om zowel directe als indirecte lozingen. Dat is op zichzelf niet verrassend. De resterende tijd tot 31 december 2027 wordt korter, terwijl uit landelijke evaluaties blijkt dat een deel van de waterkwaliteitsdoelen nog altijd onder druk staat.
KRW steeds vaker onderdeel van vergunningprocedures
Waar de KRW vroeger voor veel bedrijven een relatief abstract begrip was, zien we dat deze tegenwoordig steeds nadrukkelijker terugkomt in vergunningprocedures. Niet alleen bij nieuwe aanvragen, maar ook bij wijzigingen van bestaande vergunningen. Daarnaast zien we dat de KRW vaker wordt aangehaald in zienswijzen en beroepsprocedures. Daarbij gaat het meestal niet om de vraag of een activiteit voldoet aan bestaande emissiegrenzen, maar of een activiteit kan bijdragen aan achteruitgang van de waterkwaliteit of het behalen van KRW-doelen kan bemoeilijken. Dat vraagt om een bredere onderbouwing dan alleen het voldoen aan vergunningvoorschriften.
Zijn bestaande vergunningen nog KRW-bestendig?
Ook bestaande lozingsvergunningen komen steeds nadrukkelijker in beeld. Vergunningen die jaren geleden zijn verleend sluiten niet altijd meer aan bij de huidige inzichten, aanwezige stoffen of de eisen die vanuit de KRW worden gesteld. Dat is ook de gedachte achter het KRW Self Assessment. Deze landelijke tool helpt bedrijven om inzicht te krijgen in mogelijke aandachtspunten rond hun lozing en vergunning in relatie tot de KRW-doelen voor 2027. Het initiatief is ontwikkeld door bedrijfsleven, waterbeheerders en overheid gezamenlijk (https://www.ondernemen.nl/krw).
Een praktische KRW-check
In veel gevallen begint een KRW-beoordeling met een aantal relatief eenvoudige vragen:
- Welke stoffen zijn daadwerkelijk aanwezig in het proces en het afvalwater?
- Zijn daarin KRW-stoffen, ABM-relevante stoffen of ZZS aanwezig?
- Zijn de lozingen en emissies nog actueel beschreven in de vergunning?
- Wat is het effect van de lozing op het ontvangende oppervlaktewater?
- Zijn aanvullende maatregelen of vergunningwijzigingen nodig?
Hoewel dit eenvoudige vragen lijken, blijkt in de praktijk dat juist hier vaak de belangrijkste aandachtspunten naar voren komen. Stoffenlijsten blijken niet altijd volledig, processen of stoffenstromen zijn gewijzigd, of vigerende vergunningen zijn gebaseerd op inzichten die inmiddels zijn veranderd.
En na 2027?
De aandacht gaat momenteel vooral uit naar het halen van de KRW-doelen in 2027. Toch is dat geen eindpunt. Terwijl overheden nog werken aan het behalen van de huidige doelen, zijn de Europese stoffenlijsten inmiddels uitgebreid met PFAS, bisfenolen en farmaceutische stoffen. Voor vergunninghouders wordt het daardoor steeds belangrijker om niet alleen naar de huidige vergunning te kijken, maar ook naar toekomstige waterkwaliteitsopgaven.
Onze ervaring
Vanuit onze dagelijkse praktijk ondersteunen wij bedrijven onder andere bij:
- het identificeren van relevante stoffenstromen;
- toetsing aan ABM, KRW en ZZS-beleid;
- het uitvoeren van immissietoetsen;
- actualisatie van lozingsvergunningen;
- voorbereiding van overleg met bevoegd gezag.
De ervaring leert dat het tijdig in beeld brengen van mogelijke KRW-knelpunten vrijwel altijd eenvoudiger is dan deze tijdens een vergunningprocedure of beroepszaak alsnog te moeten oplossen.
Heeft u naar aanleiding van dit artikel vragen over de Kaderrichtlijn Water (KRW), een lozingsvergunning of de mogelijke gevolgen voor uw project of bedrijf? Neem dan gerust contact met ons op.
Wilt u
meer weten?
Onze collega’s helpen u
graag verder.